Gustar
(a mí)
(a tí)
(a él)
(a ella)
(a usted)
(a nosotros)
(a vosotros)
(a ellos)
(a ellas)(a ustedes) |
Me gusta (n)
Te gusta (n)
Le gusta (n)
Nos gusta (n)
Os gusta (n)
Les gusta (n) |
(aan mij) Mij bevalt
(aan jou) Jou bevalt
(aan hem) Hij, zij, u bevalt
(aan ons) Ons bevalt
(aan jullie) Jullie bevalt
(aan hen) Hen bevalt
Dit werkwoord heeft een hele andere toepassing dan gewone werkwoorden als werken, wonen etc. Hieronder vind u de uitleg over de toepassing van dit werkwoord.
(a tí)Te gustan los gatos.
Jou bevallen de poezen
(Jij vind de poezen leuk)
Oefening Gustar online
Gustar
Gustar
Gustar (invuloefening)
Gustar (Audio)
Gustar (invuloefening)
Gustar (invuloefening)
Gustar (zelf zinnen maken, bij "respuesta" vindt je het goede antwoord) (pittig)
Gustar (zelf zinnen maken, klick op "answer" om de antwoorden te zien)
(Het nakijk programma werkt niet, maak daarom de oefening op papier
en kijk het daarna na door op "answer" te klicken) (pittig)
Gustar (invuloefening)
Gustar (invuloefening) (click op de "?" om te zien of er in de vakjes wat
veranderd. Veranderd er niets aan wat je hebt ingevult dan is het goed. Als
je niks invult en op de "?" clickt dan komen de antwoorden te voorschijn)
Gustar (invuloefening) (vul het juiste antwoord in en kijk na door op het " ?" te
clicken. Boven aan de pagina komt dan te staan hoeveel antwoorden je
goed hebt, er worden geen juiste antwoorden gegeven)
(a tí) Te gusta el gato.
Jou bevalt de poes
(Jij vind de poes leuk)
Als meerdere dingen je bevallen of als je meerdere dingen leuk vind (in dit geval "las fiestas") dan zeg je:
(a mí) Me gustan las fiestas. Mij bevallen de feesten. (Ik vind de feesten leuk) |
Als het om 1 ding gaat dat je bevalt of leuk vind (in dit geval "la fiesta") dan zeg je:
(a mí) Me gusta la fiesta. Mij bevalt het feest. (Ik vind het feest leuk) |